De man die nooit een Nederlander sprak of hoe Ouders ontmoeten Ouders ontstond

Het is 8 december 2004. De uitnodigingen zijn uitgedeeld. Alle voorbereidingen voor de avond zijn gedaan. De koffie, thee en de koekjes staan klaar. De aula is sfeervol ingericht. Het programma is goed besproken met de betrokkenen. En nu wacht ik vol spanning op de vaders voor deze eerste bijeenkomst van het nieuwe project: “vaders en zonen”.
Ons doel is de betrokkenheid van vaders te activeren. Speciaal voor dit project hebben wij Karel Baracs/De Verhalenman uitgenodigd. Met zijn spanende verhalen over de buurt, de school en de multiculturele samenleving hopen wij, als school, de vaders te motiveren en te betrekken bij de school.
Wij hebben voor dit experiment alleen de vaders en hun zonen van groep 6 uitgenodigd. Uit ervaring blijkt dat men makkelijker durft te praten in een kleine groep, van in dit geval 16 vaders.

De avond begint om zeven uur. Vijf minuten voor aanvang sta ik samen met mijn collega en de Verhalenman bij de deur te wachten. De conciërge staat al klaar bij de tafel van koffie en thee.
Rond kwart over zeven komt de eerste vader binnen, de vader van Adbel Hak. Een opluchting voor ons allemaal. “Er is nog hoop”, denk ik bij mijzelf. Het komt wel eens voor dat sommige ouders iets later komen. Na ongeveer 20 minuten komen er nog twee andere vaders binnen. “3 van de 16 vaders? Dat is wel heel weinig.” Maar het is de eerste keer, dus ik moet positief blijven en een oplossing vinden.
We passen het programma aan. Er wordt geen verhaal meer verteld door de Verhalenman, maar we praten met elkaar onder het genot van een kopje koffie. De sfeer is goed. Ik zit met de vader van Abdel Hak en de Verhalenman. De Verhalenman is nieuwsgierig naar de verhalen van de vader. Het gesprek gaat over het dagelijks leven in Nederland. Ik help vertalen omdat de vader gebrekkig Nederlands spreek.
De vader vertelt dat hij meer dan 25 jaar in Nederland woont en meer dan 20 jaar in Nederland heeft gewerkt. Tot mijn verbazing vertelt hij er ook bij dat hij in al die jaren geen contact heeft gehad met zijn collega’s. Volgens de vader was er geen mogelijkheid om met elkaar te praten.
De Verhalenman of er dan misschien gesprekken waren met de werkgevers van de vader. Maar hij vertelt dat hij nooit een gesprek heeft gehad met zijn werkgevers. Hij kreeg slechts opdrachten en aanwijzingen over hoe dingen beter of anders moesten.
Het is goed om te zien dat de vader zijn verhaal met iemand kan delen. Wat ik ook merk is dat de vader blij is dat er eindelijk iemand naar hem luistert. Hij vertelt dat Karel in al die jaren de eerste Nederlander is met wij een gesprek heeft.

Een jaar nadat ik het verhaal van deze vader heb mogen horen, heb ik helaas vernomen dat de vader is overleden.
Hij was een Marokkaanse vader die nog nooit een echt gesprek heeft gevoerd met zijn (Nederlandse) collega’s en werkgevers. Een Marokkaanse vader die gelukkig nog zijn verhaal heeft kunnen doen bij de (Nederlandse) Verhalenman. Maar ook een vader die helaas nooit de kloof tussen deze twee werelden heeft mogen zien verkleinen.
Deze voor mij ondenkbare, maar toch waargebeurde situatie heeft mij aan het werk gezet. Met als doel: mensen bij elkaar brengen, verhalen met elkaar delen en één zijn. Zo is het project ‘Ouders ontmoeten ouders’ geboren.

Mustapha Khaddari

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *